Besluit van de Vlaamse Regering
04 sep. 2026· Belgisch Staatsblad 10 sep. 2026· numac 2026006301Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 oktober 2007 houdende de vaststelling van het digitaal frequentieplan voor aanbieders van radio- en televisieomroepnetwerken, wat betreft de opheffing van de bepalingen inzake radio-omroepnetwerken
Officiële tekst in de Vlaamse CodexAanhef
Rechtsgrond
Dit besluit is gebaseerd op:
- het decreet van 27 maart 2009 betreffende radio-omroep en televisie, artikel 201, §2, zoals gewijzigd bij de decreten van 14 oktober 2016 en 10 juli 2026.
Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 16 maart 2026.
- Een raadpleging van de belanghebbenden is gehouden tussen 7 mei 2026 en 8 juni 2026.
- De Sectorraad Media van de Strategische Adviesraad voor Cultuur, Jeugd en Media heeft advies gegeven op 21 mei 2026.
- De Raad van State heeft op 14 juli 2026 laten weten dat de adviesaanvraag 79.761/3 op 14 juli 2026 van de rol afgevoerd werd, overeenkomstig artikel 84, § 5, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
Motivering
Dit besluit is gebaseerd op het volgende motief:
- Het decreet van 10 juli 2026 houdende de wijziging van het decreet van 27 maart 2009 betreffende radio-omroep en televisie, wat betreft de radio-omroeporganisaties voert het omroepmodel in voor DAB+. In het omroepmodel worden de frequentiegebruiksrechten toegekend aan erkende radio-omroeporganisaties, en niet langer aan aanbieders van omroepnetwerken. Daardoor zijn de huidige bepalingen van het digitale frequentieplan, die nog uitgaan van toewijzing aan aanbieders van radio-omroepnetwerken, niet langer in overeenstemming zijn met het vernieuwde decretale kader. Het is noodzakelijk het besluit houdende de vaststelling van het digitaal frequentieplan aan te passen, zodat het alleen van toepassing is op het digitale frequentieplan voor aanbieders van televisieomroepnetwerken.
Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Brussel en Media.
Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: