Besluit van de Vlaamse Regering
22 mei 2026· Belgisch Staatsblad 18 jun. 2026· numac 2026004311Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 2000 houdende vaststelling van de voorwaarden van toekenning van een persoonlijke-assistentiebudget aan personen met een handicap, het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 over de besteding van het budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning voor meerderjarige personen met een handicap en over organisatiegebonden kosten voor vergunde zorgaanbieders en het besluit van de Vlaamse Regering van 10 maart 2017 over persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden
Officiële tekst in de Vlaamse CodexAanhef
Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, artikel 8, eerste lid, 3°, gewijzigd bij het decreet van 25 april 2014, artikel 11/1, §4, zesde lid, ingevoegd bij het decreet van 19 december 2025, artikel 19, vervangen bij het decreet van 25 april 2014, artikel 19/3, tweede lid, en artikel 19/4, ingevoegd bij het decreet van 15 juli 2016;
- het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap, artikel 11, en artikel 20, gewijzigd bij de decreten van 19 januari 2018 en 8 juni 2018.
Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 6 januari 2026;
- De Vlaamse Toezichtcommissie voor de verwerking van persoonsgegevens heeft advies nr. 2026/026 gegeven op 24 februari 2026;
- De Raad van State heeft advies 79.134/16 gegeven op 28 april 2026, met toepassing van artikel 84, §1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn en Armoedebestrijding, Cultuur en Gelijke Kansen.
Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: