Besluit van de Vlaamse Regering
19 dec. 2025· Belgisch Staatsblad 29 jan. 2026· numac 2026000703Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2022 tot toekenning van een subsidie aan lokale besturen voor de opbouw van opvangcapaciteit voor tijdelijk ontheemden uit Oekraïne, tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering en tot intrekking van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 maart 2022 tot toekenning van een subsidie aan lokale besturen voor het creëren van bijkomende opvangplaatsen voor de tijdelijk ontheemden uit Oekraïne, wat betreft de verlenging van de opvangcapaciteit in het nooddorp Gent en de aanpassing van de subsidieregeling
Officiële tekst in de Vlaamse CodexAanhef
Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993;
- de Vlaamse Codex Wonen van 2021, artikel 5.20 en 5.36;
- het decreet van 18 maart 2022 tot regeling van de tijdelijke huisvesting van gezinnen of alleenstaanden die dakloos zijn of dreigen te worden naar aanleiding van de oorlog in Oekraïne, artikel 5, tweede en vierde lid, en artikel 7, tweede lid.
Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Vlaamse minister, bevoegd voor het budgettair beleid, heeft zijn akkoord gegeven op 17 december 2025.
- Er is geen advies gevraagd aan de Raad van State, met toepassing van artikel 3, §1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. Er is een dringende noodzakelijkheid omdat het besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2022 tot toekenning van een subsidie aan lokale besturen voor de opbouw van opvangcapaciteit voor tijdelijk ontheemden uit Oekraïne, tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering en tot intrekking van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 maart 2022 tot toekenning van een subsidie aan lokale besturen voor het creëren van bijkomende opvangplaatsen voor de tijdelijk ontheemden uit Oekraïne ophoudt uitwerking te hebben op 31 maart 2026. De Vlaamse Regering heeft zich geëngageerd om 60% van de instroom van Oekraïense ontheemden in België op te vangen. Hoewel maar een beperkt aandeel van die instroom (circa 10% tot 15%) aangeeft nood te hebben aan opvang, dreigt de opvangcapaciteit ontoereikend te worden door de versnelde afbouw van het publieke aanbod en de fysieke ontmanteling van bestaande opvangstructuren door lokale besturen. Het kritieke punt waarbij dakloosheid dreigt voor nieuwkomers met opvangnood, moet op zeer korte termijn worden afgewend. De aanhoudende instroom, gecombineerd met de versnelde afbouw richting de einddatum van het huidige besluit, noodzaakt een hoogdringend ingrijpen. Dit besluit beoogt daarom een gerichte verlenging van de opvangcapaciteit, uitsluitend voor het nooddorp Gent, om de opvang van nieuwe instromers te verzekeren.
Motivering
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven:
- De oorlog in Oekraïne, die op 24 februari 2022 is begonnen, veroorzaakt in Europa een aanhoudende stroom oorlogsvluchtelingen. Om de Oekraïners tijdelijk een humane opvang te bieden, heeft de Europese Unie de richtlijn 'tijdelijke bescherming' geactiveerd. De richtlijn voorziet in een tijdelijk verblijfsstatuut met bijbehorende rechten, zonder dat een asielprocedure moet worden doorlopen. In België rusten de grootste uitdagingen op de deelstaten, aangezien wonen, onderwijs, werk en inburgering tot hun bevoegdheden behoren.
- Het besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2022 tot toekenning van een subsidie aan lokale besturen voor de opbouw van opvangcapaciteit voor tijdelijk ontheemden uit Oekraïne, tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering en tot intrekking van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 maart 2022 tot toekenning van een subsidie aan lokale besturen voor het creëren van bijkomende opvangplaatsen voor de tijdelijk ontheemden uit Oekraïne houdt op uitwerking te hebben op 31 maart 2026. Na een initiële acute crisis met een hoge instroom van ontheemden is de situatie geëvolueerd naar een structureel gegeven met een gestage instroom.
- Zonder verlenging van het voormelde besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2022 zou de ondersteuning vanuit Vlaanderen abrupt eindigen op 31 maart 2026, met het risico op een onbeheersbare situatie op het terrein. Om dat te vermijden, wordt via dit besluit voorzien in een gerichte verlenging, uitsluitend voor het nooddorp in Gent, dat als enige nog operationeel blijft en noodzakelijk is om de instroom van nieuwe ontheemden op te vangen.
- De opvang in het nooddorp Gent gebeurt volgens een doorstroommodel, waarbij het de uitdrukkelijke bedoeling is dat de tijdelijk opgevangen ontheemden maar gedurende een beperkte periode in het nooddorp verblijven. Na die initiële opvangfase worden ze begeleid naar duurzame huisvestingsoplossingen. Dat model draagt bij tot een efficiënte benutting van de beschikbare opvangcapaciteit en voorkomt langdurige verblijfsperiodes in tijdelijke infrastructuur.
Juridisch kader
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving:
- richtlijn 2001/55/EG van de Raad van 20 juli 2001 betreffende minimumnormen voor het verlenen van tijdelijke bescherming in geval van massale toestroom van ontheemden en maatregelen ter bevordering van een evenwicht tussen de inspanning van de lidstaten voor de opvang en het dragen van de consequenties van de opvang van deze personen;
- de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019;
- het besluit van de Vlaamse Regering van 17 maart 2017 tot uitvoering van het decreet van 5 februari 2016 houdende het toeristische logies;
- het Besluit Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 17 mei 2019;
- het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.
Initiatiefnemers
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Economie, Innovatie en Industrie, Buitenlandse Zaken, Digitalisering en Facilitair Management, de Vlaamse minister van Wonen, Energie en Klimaat, Toerisme en Jeugd en de Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij.
Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: