Besluit van de Vlaamse Regering
19 dec. 2025· Belgisch Staatsblad 26 jan. 2026· numac 2026000554Besluit van de Vlaamse Regering tot overdracht van sommige personeelsleden van het agentschap Opgroeien aan het Agentschap Justitie en Handhaving en het Agentschap Facilitair Bedrijf
Officiële tekst in de Vlaamse CodexAanhef
Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- het decreet van 28 november 2008 tot regeling van de overdracht van personeelsleden binnen de diensten van de Vlaamse overheid in geval van verschuiving van taken of bevoegdheden, artikel 3, eerste lid, 1°, en tweede lid.
Vormvereiste
De volgende vormvereiste is vervuld:
- De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 17 november 2025.
Motivering
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven:
- In uitvoering van het Vlaams Regeerakkoord 2024-2029 is het Agentschap Justitie en Handhaving vanaf 1 januari 2026 bevoegd voor de organisatie en het beheer van de gemeenschapsinstellingen en het Vlaams detentiecentrum, de erkenning en subsidiëring van de Herstelgerichte en Constructieve Afhandeling-diensten en de elektronische monitoring voor minderjarigen. Ook de beleidscel jeugddelinquentie valt vanaf 1 januari 2026 onder de bevoegdheid van het Agentschap Justitie en Handhaving;
- Deze overdracht van bevoegdheden gaat gepaard met een overdracht van personeelsleden;
- Met ingang van 1 januari 2026 wordt de volle eigendom van de gebouwen van de gemeenschapsinstellingen en het Vlaams detentiecentrum en zijn aanhorigheden van het agentschap Opgroeien regie overgedragen aan de Vlaamse Gemeenschap;
- Het gebouwenbeheer van de campussen van de gemeenschapsinstellingen, inclusief personeel en budget, wordt ondergebracht bij het Agentschap Facilitair Bedrijf.
Juridisch kader
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving:
- het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006.
Initiatiefnemers
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Economie, Innovatie en Industrie, Buitenlandse Zaken, Digitalisering en Facilitair Management, de Vlaamse minister van Onderwijs, Justitie en Werk en de Vlaamse minister van Welzijn en Armoedebestrijding, Cultuur en Gelijke Kansen.
Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: