Besluit van de Vlaamse Regering
24 okt. 2025· Belgisch Staatsblad 25 nov. 2025· numac 2025008641Besluit van de Vlaamse Regering tot opheffing van de Isabellapolder en de regeling van de gevolgen daarvan
Officiële tekst in de Vlaamse CodexAanhef
Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- de wet van 3 juni 1957 betreffende de polders, artikel 2, 6 en 7;
- de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen, artikel 2, gewijzigd bij het decreet van 28 februari 2014, artikel 4bis, ingevoegd bij het decreet van 28 februari 2014 en gewijzigd bij het decreet van 26 april 2019, artikel 7, vervangen bij het decreet van 26 april 2019, en artikel 23ter, ingevoegd bij het decreet van 26 april 2019 en gewijzigd bij het decreet van 26 april 2024;
- het koninklijk besluit van 23 januari 1958 houdende bepaling van de datum waarop de wet betreffende de wateringen en de wet betreffende de polders in werking treden, en houdende afbakening van de polderzones, artikel 2.
Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- Tijdens het openbaar onderzoek van 10 juli 2025 tot en met 10 augustus 2025 in de gemeente Assenede zijn vier opmerkingen ingediend, waarvan drie samen zijn ingediend en identiek zijn.
- Tijdens het openbaar onderzoek van 10 juli 2025 tot en met 10 augustus 2025 in de gemeente Kaprijke zijn vier opmerkingen ingediend, waarvan drie samen zijn ingediend en identiek zijn.
- Tijdens het openbaar onderzoek van 10 juli 2025 tot en met 10 augustus 2025 in de gemeente Sint-Laureins zijn vijf opmerkingen ingediend, waarvan drie samen zijn ingediend en identiek zijn.
- Tijdens het openbaar onderzoek van 4 juli 2025 tot en met 4 augustus 2025 in de gemeente Evergem zijn twee opmerkingen ingediend.
- Het akkoord van de gemeente Assenede met de wijzigingen in rangschikking van onbevaarbare waterlopen van derde naar tweede categorie en de overname van het beheer van de publieke grachten is gegeven op 26 juni 2025.
- Het akkoord van de gemeente Kaprijke met de wijzigingen in rangschikking van onbevaarbare waterlopen van derde naar tweede categorie en de overname van het beheer van de publieke grachten is gegeven op 26 juni 2025.
- Het akkoord van de gemeente Sint-Laureins met de wijzigingen in rangschikking van onbevaarbare waterlopen van derde naar tweede categorie en de overname van het beheer van de publieke grachten is gegeven op 26 juni 2025.
- Het akkoord van de gemeente Evergem voor de overname van het beheer van de publieke gracht is gegeven op 23 juni 2025.
- Het akkoord van de provincie Oost-Vlaanderen met de wijzigingen in rangschikking van onbevaarbare waterlopen van derde naar tweede categorie is gegeven op 17 juli 2025.
- De deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen heeft op 18 september 2025 een gunstig advies gegeven over de opheffing van de Isabellapolder.
- De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 3 oktober 2025.
Motivering
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven:
- Er zijn al langere tijd problemen in de werking van de Isabellapolder, wat resulteerde in verschillende klachten bij de gouverneur van de provincie Oost-Vlaanderen en bij de bevoegde Vlaamse minister.
- Op verzoek van de gouverneur van de provincie Oost-Vlaanderen werd bij de polder een interne audit georganiseerd. Die werd afgerond in 2022 en daaruit bleek dat de maturiteit van organisatiebeheersing binnen de Isabellapolder laag tot zeer laag is. De organisatie vertoont meerdere ineffectiviteiten en inefficiënties in de organisatorische en financiële werking. Daardoor is er geen sprake van deugdelijk bestuur noch van een goede administratieve werking.
De gouverneur heeft, na een eerste waarschuwing op 20 juli 2022 en een tweede waarschuwing op 3 november 2022, op 22 november 2022 een commissaris aangesteld, zoals bepaald in artikel 24 van de polderwet, om onder meer de achterstallige algemene vergadering te organiseren en de rekening 2022 en begroting 2023 te laten goedkeuren. De commissaris stelt in het eindrapport van 30 november 2023 tal van knelpunten vast in de werking van de polder en stelt dat de organisatiebeheersing problematisch verloopt. De commissaris stelt vast dat de gunningsprocedure voor de onderhoudswerken 2022-2023 afgekeurd werd omdat die niet digitaal ingediend werd. De commissaris stelt vast dat aanbestedingsprocedures zijn misgelopen waardoor heel veel kostbare tijd en energie verloren zijn gegaan. Als gevolg daarvan kon de polder de onderhoudswerken niet tijdig uitvoeren. De provincie was genoodzaakt de waterlopen te maaien in het werkingsgebied van de polder om de doelstellingen van het integrale waterbeleid te realiseren.
- De organisatorische problemen en de pogingen om daar een oplossing voor te vinden, hebben aanleiding gegeven tot verschillende procedures bij de Raad van State waarvoor de juridische bijstand veel middelen vergt van de polder en voor acute financiële knelpunten zorgt. Die rechtszaken leiden tot een hoge mate van rechtsonzekerheid en meerkosten die niet ten laste van de ingelanden gelegd kunnen worden in de vorm van (buitengewone) belastingen.
- De polderstructuur leidt in de concrete omstandigheden van de Isabellapolder niet tot een performant waterbeleid gezien de organisatorische problemen. Dat is nochtans cruciaal vanwege de toenemende uitdagingen inzake het waterbeheer aangezien de klimaatverandering met meer periodes van zowel hoogwater als droogte een performante aanpak vergt.
- Het provinciebestuur beschikt over de ervaring en de middelen om de doelstellingen van het integraal waterbeleid binnen het grondgebied van de Isabellapolder op een kostenefficiëntere wijze te verwezenlijken.
- Tijdens het openbaar onderzoek in de gemeenten Assenede, Kaprijke, Sint-Laureins en Evergem werden in totaal vier afzonderlijke opmerkingen ingediend. De Vereniging van Vlaamse Polders en Wateringen (VVPW) heeft in de loop van het openbaar onderzoek een brief gericht aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Evergem. Daarbij wordt niet verwezen naar het lopende openbaar onderzoek. Daarnaast werden zowel in de gemeenten Kaprijke, Assenede als Sint-Laureins dezelfde bezwaren ingediend, in naam van Dirk Van den Hauwe, Willy Van den Hauwe en Rita de Milliano. Alleen de heren tonen aan dat ze over eigendom beschikken binnen de omschrijving van de Isabellapolder. De opmerkingen worden meegenomen. De Generale Vrije Polders hebben als naastliggende polder opmerkingen geformuleerd. Tot slot heeft de Watering de Burggravenstroom ook als aanliggende watering opmerkingen ingediend.
- De deputatie heeft in haar besluit van 18 september 2025 alle onderdelen van de opmerkingen grondig en in detail besproken en gemotiveerd. De opmerkingen worden als niet gegrond beschouwd. Bij dat advies en de bijbehorende motivatie kan worden aangesloten.
- Daarna worden de opmerkingen samengevat en in de hoofdlijnen overlopen:
• Een terugkerende opmerking betreft de versnippering van het waterbeleid.
Met dit besluit worden de onbevaarbare waterlopen van derde categorie naar tweede categorie gebracht. De gemeenteraden hebben elk aangegeven bereid te zijn om het beheer van de publieke grachten over te nemen. Ze hebben al ervaring met het beheer van open grachten in het kader van hun rioolbeheer. De optimalisatie van de publieke grachten maakt deel uit van een aparte procedure.
• De aanpalende polderbesturen zouden niet geïnformeerd of betrokken zijn.
Er is voorafgaandelijk niet gecommuniceerd aan de ingelanden en het bekkensecretariaat werd er niet bij betrokken. Uit de processen-verbaal van de burgemeesters van de betrokken gemeenten blijkt dat het openbaar onderzoek, zoals voorgeschreven in artikel 7 van de wet op de polders, op correcte wijze kenbaar werd gemaakt. In de geldende wetgeving bestaat geen bepaling die voorschrijft dat bij de opheffing van een polder het bekkensecretariaat moet worden geïnformeerd of dat dit onderwerp op de agenda van het bekkenbestuur geplaatst moet worden. Het ontwerpbesluit werd bezorgd aan alle polder- of wateringbesturen die er belang bij kunnen hebben. De procedure en mogelijkheden tot inspraak bij de opheffing zijn gevolgd overeenkomstig de bepalingen van de polderwet.
• Aanpalende polders of wateringen zijn volgens een opmerking het beste geplaatst om het waterbeheer uit te voeren en een verlies aan terreinkennis wordt zo voorkomen.
Het provinciebestuur heeft de nodige ervaring en expertise op het vlak van waterbeheer en beschikt over een permanentiesysteem. Het poldergebied is bekend terrein voor de provincie omdat ze er al werken heeft uitgevoerd, deelneemt aan schouwingen en de werken beoordeelt in het kader van de terugbetaling van de kosten.
• Het voorstel van de Watering de Burggravenstroom om de Isabellapolder over te nemen na de opheffing biedt geen garanties voor de betrokkenheid van de ingelanden bij de gemaakte keuzes (onder andere de samenstelling van het bestuur). De linken tussen de watersystemen van de Watering de Burggravenstroom en de Isabellapolder zijn zeer beperkt en de hydrografische logica voor een uitbreiding van de watering met het ambtsgebied van de Isabellapolder ontbreekt. Het voorstel dat in dit besluit opgenomen is, vormt het enige concrete initiatief om op korte termijn adequaat waterbeheer in het gebied te realiseren.
• De arbeidsovereenkomsten met de contractuele personeelsleden zullen door de polder beëindigd worden. In geval van de opheffing houdt de statutaire functie van de ontvanger-griffier op te bestaan. De rechtsregels die van toepassing zijn, worden gevolgd.
• In een opmerking wordt verwezen naar beslissingen van de deputatie en de gouverneur.
Het is echter duidelijk dat de huidige problematiek haar oorsprong vindt in een reeds lang aanslepende conflictueuze relatie tussen het polderbestuur en de ontvanger-griffier. Uit de eerder vermelde audit van de Isabellapolder blijkt dat die spanningen grondig werden vastgesteld en gedocumenteerd. In de managementsamenvatting van de audit uit 2022 werd het volgende vastgesteld: “We merken op dat een persoonlijk conflict tussen de dijkgraaf en de ontvanger griffier verlammend werkt voor het Polderbestuur. De bestuursvergaderingen worden gekenmerkt door het uiten van verwijten naar elkaar in plaats van de werking van de polder te bespreken. De interne goedkeuringsprocedures en samenwerking tussen de verschillende belanghebbenden (het bestuur en de ontvanger griffier) van de Isabellapolder verloopt hierdoor niet optimaal. Dit leidt tot een vertraging in de administratieve werking van de polder.” De gespannen situatie tussen het bestuur en de ontvanger-griffier blijft tot op vandaag bestaan, wat ook werd vastgesteld door de Raad van State in zijn arrest van 30 juni 2025, waarbij sprake is van een conflictueuze voorgeschiedenis. De moeizame relatie tussen de ontvanger-griffier en het bestuur is opnieuw zichtbaar geworden door de recente rechtszaken die zijn ontstaan na de heraanstelling van de ontvanger-griffier, na de vernietiging van diens afzetting zonder enige betrokkenheid van de gouverneur of de deputatie.
- Er kan in het algemeen worden vastgesteld dat er tijdens het openbaar onderzoek maar een zeer beperkt aantal opmerkingen werd ingediend, waaruit kan worden afgeleid dat er wel degelijk draagvlak voor de opheffing bestaat.
- De opmerkingen die tijdens het openbaar onderzoek werden ingediend, worden als niet gegrond beschouwd.
- Het beheer van de geklasseerde onbevaarbare waterlopen zal worden overgenomen door de provincie. Bij dit besluit worden de waterlopen van derde categorie gerangschikt naar tweede categorie. Het rangschikken van onbevaarbare waterlopen in een hogere of lagere categorie kan conform de wet onbevaarbare waterlopen als daarover een akkoord bestaat tussen de huidige en de toekomstige waterbeheerder conform artikel 4bis, §3, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen.
- Om de continuïteit te verzekeren, wordt het beheer van de publieke grachten overgenomen door de respectieve gemeentebesturen. De erfdienstbaarheden en het recht van doorgang voor personeelsleden van het bestuur en de aangestelden die met de uitvoering van werken zijn belast met het nodige materieel, en de deponie van ruimingproducten en maaisel uit de gracht, zoals voorzien in de digitale atlas van de onbevaarbare waterlopen en publieke grachten, behouden.
- De roerende en onroerende goederen van de polder en het archief worden overgenomen door de provincie Oost-Vlaanderen. De onroerende goederen, zoals opgelijst in bijlage 3, worden overgedragen aan de provincie Oost-Vlaanderen.
- De volgende overeenkomsten worden overgenomen door de provincie Oost-Vlaanderen: de overheidsopdracht voor het onderhoud van waterlopen en een overeenkomst over de waterbeheersing en de centrale toevoer van oppervlaktewater in de Isabellapolder en de Zwarte Sluispolder van 8 november 1974 en het laatst gewijzigd met het addendum van 13 maart 2024.
Juridisch kader
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving:
- het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018.
Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Omgeving en Landbouw.
Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT: