Fonds Scheepsjongeren: wijzigingsbesluit verplichte bijdrage reders van Belgische vissersvaartuigen 2026
Vlaams minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij
Het Fonds voor Scheepsjongeren, dat in 1975 werd opgericht om het bemanningsprobleem te verlichten, geeft een bezoldiging aan scheepsjongeren. De scheepsjongeren kunnen tot 499 zeedagen van het Fonds genieten, waarna ze beschouwd worden als volle matroos, die volledig ten laste moet vallen van de reder. Ook aangemonsterde schepelingen tussen 20 en 31 jaar die nog geen 99 zeedagen gepresteerd hebben, vallen onder de noemer ‘scheepsjongeren’. Daarna wordt de jongere eveneens als volwaardig matroos aanzien en valt hij dus ook volledig ten laste van de reder. Het Fonds wordt voor 50% gefinancierd door reders, voor 50% door de Vlaamse overheid en de provincie West-Vlaanderen. De bijdrage van de reders wordt jaarlijks vastgesteld. De Vlaamse Regering legt de bijdrage van de reders van Belgische vissersvaartuigen voor het jaar 2026 aan het Fonds voor Scheepsjongeren nu principieel vast op 0,08% van de brutobesomming van de vangsten die in die periode in Belgische en buitenlandse havens verkocht zijn en het geraamde aantal zeedagen dat door de scheepsjongeren zal worden gepresteerd. Dit wijzigingsbesluit wordt voor advies voorgelegd aan de Raad van State.
Aanmelden met een account met AI-toegang is nodig om een vraag te stellen.